|
Herinneringen aan de eerste 25
jaar van de Enka in Ede.
Door Ir. C. J. Snijders
De tijden veranderen ……. Dit zien
wij het beste wanneer wij op de vijf en twintigste verjaardag
van onze fabriek te Ede eens terugblikken naar haar kinderjaren
en zien, hoe zij toen haar eerste wankele schreden zette op het
glibberige pad der kunstzijdefabricage. Zij was voorspoedig ter
wereld gekomen, een baby van meer dan normale grootte, en in de
eerste jaren scheen het wel , dat zij zich ook voorspoedig zou
ontwikkelen, dank zij de goede zorgen, aan haar opvoeding
besteed , en de tucht , waaronder zij opgroeide. Dr. Hartogs was
een strenge vader, die de leerstelling huldigde: "Wie zijn
kinderen liefheeft, spare hun de roede niet". Niets mocht er
gebeuren zonder zijn goedkeuring, zelfs voor 1/2 gr.
temperatuurverhoging van de kruimelkamer was, ook al zat hij in
Italië of Amerika, zijn schriftelijke toestemming nodig en
niemand zou het in zijn hoofd halen, die niet te vragen. Op de
meest onverwachte dagen kwamen er controleurs uit Arnhem, om na
te gaan, of er aan de "roode streep" 's morgens om 8 uur wel de
hand gehouden werd , en in geheel Ede kwam er geen spindop voor,
waarvan niet te Arnhem nauwkeurig de plaats bekend was.
Maar naarmate de spruit ouder
werd, kwamen de kinderziekten en de kinderondeugden. In de
tweede helft van 1925 ging het spinnen slecht en dit nam zulke
onrustbarende afmetingen aan, dat soms bijna de helft der
productie moest worden afgesneden en tot afval' gemaakt.
Iedereen was dag en nacht in de weer en zocht vruchteloos naar
de oorzaak, totdat plotseling werd ge- vonden, dat toevoeging
van lood aan het spinbad het euvel onmiddellijk en afdoende
verhielp. Maar de strenge vader was niet gewend, zich door
bakerpraatjes te laten overtuigen en verbood toevoeging van lood
aan het spinbad. Toen kwamen de ondeugden. Men had opgemerkt,
dat s Maandags, als de loden verwarmingsbuizen in de spintanks
schoongemaakt waren, het beter spon dan verder in de week, en
men nam zich voor, daaraan de nodige aandacht te besteden. De
verwarmingsbuizen werden 's Zaterdags met neer dan gewone zorg
schoongemaakt; daarbij kwam wel ,wat lood in 't spinbad, maar
dat kon men niet verhelpen. Het succes was zo overweldigend, dat
de schoonmaakwoede hoe langer hoe groter werd. Eerst spoot men
ze met de waterslang af, later werden zij afgeborsteld en
tenslotte gebruikte men zelfs staalborstels hiervoor;
niet alleen op Zaterdag werd
schoongemaakt, soms zelfs midden in de week. Als men over de
spinnerij niet tevreden was, trok men met staalborstels op de
verwarmingsslangen los, en zo kwam de spinnerij geleidelijk in
orde. Maar toen dit zo een poosje geduurd had, moest het hoge
woord eruit komen en moest de jeugdige ondeugd zijn wandaden
opbiechten. Gezien het goede
resultaat, ,waren de klappen iets
minder hard dan zij anders geweest zouden zijn , en eindelijk
werd dan toestemming gegeven tot officiële toevoeging van lood
aan het spinbad ; gelukkig maar, want de verwarmingsbuizen
begonnen .van het staalborstelen al bedenkelijk dun te worden.
Het laboratorium te Ede -afdeling G - bestond aanvankelijk uit
twee delen; het viscoselaboratorium Ge met de e van Heim, en het
spinnerij- en bleeklaboratorium Gu met de u van Hubbeling, welke
beide delen streng gescheiden waren door een schot met een deur,
waarvan alleen de bedrijfsleider en de Directie de sleutel
hadden, opdat er geen uitwisseling van gedachten zou bestaan,
vooral niet tussen de nachtdienstassistenten in beide
laboratoria,. die elk alleen stonden. Maar ziet , het geviel dat
er in dat schot een ruit brak , en. het is merkwaardig, wat er
door zulk een gat een luchtzuiging kan optreden.
In de schafttijden werden de
beide assistenten letterlijk naar dat gat toe gezogen; ze konden
nu eenmaal niet anders dan hun boterham aan weerszijden van dat
gat opeten en konden dit ook niet zwijgende doen. Zo bleef het
lange tijd, totdat op een k,wade dag Vader Hartogs het gat
ontdekte en er onmiddellijk een nieuwe ruit in liet zetten.
Van letters gesproken, elke
afdeling had natuurlijk haar letter, en de oorsprong van die
letters was niet altijd gemakkelijk aan te wijzen, zoals de
bovenvermelde letters der laboratoria. Maar iedereen kende ze en
iedereen wist, wie de bijbehorende chef was. Zo kwam het eens
voor, dat er met Arnhem getelefoneerd moest. worden. De telefoon
was erg onduidelijk, en toen
het woord "tijd" te Ede werd
uitgesproken, werd dit te Arnhem niet verstaan. Men vroeg, het
te spellen, waarop prompt het antwoord uit Ede kwam: "De T van
den Bosch, de Y van Perlstein en de D van Wansink". Arnhem was
volkomen tevreden. Een dergelijke bloemrijkheid missen wij
tegenwoordig. Te Ede werkten veel meisjes, en daar er ook veel
jongetjes werkten, meende Dr. Hartogs als goede vader, de
ontmoeting van deze beiden na de werktijd niet te mogen
bevorderen. Daarom werd de werktijd der meisjes een kwartier
eerder beëindigd dan die der jongetjes, maar zonder resultaat.
De meisjes wachtten op de jongetjes. Een poging in de omgekeerde
richting, door de werktijd der jongetjes een kwartier" eerder te
beëindigen dan die der meisjes, had evenmin succes. Toen werd de
maatregel uitgebreid, en daarbij bleek, dat in het algemeen
meisjes trouwer zijn dan jongetjes. Want toen men de meisjes een
half uur eerder liet weggaan dan de jongetjes, bleven zij nog
wachten, maar toen men de jongetjes een half uur eerder vrijliet
dan de meisjes, gaven zij er de brui aan; en het beoogde doel
was bereikt.
Het zou onbillijk zijn, om bij de
herdenking van het jeugdige Ede alleen zijn. ondeugden te
vermelden, want er zijn ook voorbeelden bekend .van trouwe
plichtsbetrachting, van vasthoudendheid aan de wet en de regels
tot in het uiterste.
Het was in die dagen heel
moeilijk, om voldoende meisjes te krijgen, en daarom kocht de
ENKA het Parkhotel, waarin meisjes uit Limburg onder de hoede
van zusters werden ondergebracht. Aan dit Parkhotel was een
volledige vergunning verbonden, en aangezien de meisjes daarvan
geen gebruik mochten maken, bestond 't gevaar, dat deze
vergunning zou verlopen, waardoor het Parkhotel aanzienlijk in
waarde zou dalen. Dit moest tot elke prijs worden voorkomen, en
daarom werd er eens per jaar in liet Parkhotel een plechtigheid
gearrangeerd, waartoe drie mannen bij elkander kwamen. De heer
van den Brink kwam met een kruik jenever en schonk een borrel
aan den Heer Fijlstra, die daarvoor een dubbeltje op de tafel
legde, en de Veldwachter der Gemeente Ede maakte van deze
plechtigheid procesverbaal op, waardoor de vergunning weer voor
een jaar was gered.

Het Parkhotel had een mooie tuin
en Dr. Hartogs wilde "daarin dennetjes laten planten. Hij
bestelde die, maar verlangde, dat de dennetjes, die dood gingen,
gratis door andere zouden worden vervangen, en gezien de schrale
grond te Ede wilde de leverancier die garantie alleen op zich
nemen onder de voorwaarde, dat. er elke dag zou worden
gesproeid. Dit werd aanvaard, en zo kon men van tijd tot tijd
bij een stortregen een Enka-man met ware doodsverachting voor de
elementen de tuinslang zien hanteren, opdat aan de voorwaarde
prompt zou worden voldaan.
De Parallelweg te Ede was
eigendom van de ENKA en men wilde dit eigendomsrecht niet laten
verlopen. Daarom werd eens per jaar de Parallelweg afgesloten,
en daar de overgrote meerderheid van het personeel langs die weg
naar de fabriek moest komen, moest op die dag iedereen omlopen
en kwam natuurlijk onder de rode streep. Maar men moet voor zijn
principes wat over hebben. Er was een tijd, dat het te Ede niet
al te veilig was. Er werd veel ingebroken en daarbij bedienden
de inbrekers zich zelfs van wapens., Het laat zich begrijpen,.
dat. de nachtwakers in de fabriek, die niet gewapend waren, zich
onbehaaglijk gingen voelen, en zij verzochten, hun een revolver
te verstrekken. Maar Dr. Hartogs, die; vaak bij nacht en ontij
de fabriek binnenviel, vond het idee van nachtwakers met
revolvers niet aanlokkelijk en besloot, dat de nachtwakers van
een hoorntje zouden worden voorzien, zoals de rangeerders bij de
spoorwegen gebruiken, teneinde bij naderend gevaar om hulp te
kunnen toeteren. Als gevolg hiervan kan men in de archieven te
Arnhem nog een brief vinden van den magazijnmeester te Ede aan
de Inkoopafdeling te Arnhem, van de volgende inhoud: "De
Directeur heeft besloten, dat de nachtwakers in het vervolg met
muziek zullen schieten, en daarom verzoek ik U beleefd, voor mij
drie rangeerdershoorntjes te willen bestellen". Het is maar
goed, dat wij tegenwoordig in een veiliger tijd leven. Zo
groeide Ede door haar kinderziekten heen en nu zij eenmaal
volwassen geworden is, wat krachtiger, wat minder ondeugend en
wat verstandiger, kunnen wij al deze gebeurtenissen, die vroeger
een heftige beroering verwekten, met een glimlach beschouwen en
constateren, dat de tijden toch wel veranderd zijn, en wij met
hen. |