|
Van weekloon naar maandsalaris
Dit jaar is het 25 jaar geleden (1967) dat het gehele
personeel overging naar maandelijkse salarisbetaling via
de bank of giro. Tot die tijd gebeurde de
salarisbetaling contant in het bedrijf via een loonzakje
met afrekeningsstaatje. Een groot deel van het personeel
kreeg dit wekelijks en een klein deel maandelijks.
Zo waren er eigenlijk twee groepen werknemers in dienst,
te weten weekloners en maandloners. Dit had te maken met
de toen nog aanwezige standverschillen. De overall- en
witte boordenmentaliteit.
Vooral in de beginjaren werd dat bewust in stand
gehouden. Dat gold niet alleen voor ons bedrijf, dit was
in heel Nederland zo. Terecht mag gezegd worden dat het
jaar 1967 een belangrijk jaar was voor de integratie van
het personeel naar een gezamenlijke CAO.
De uitbetaling
De overgang naar girale betaling was voor het
maandsalarispersoneel niet zo'n grote verandering. Je
vroeg een giro- of banknummer aan en gaf dit nummer door
aan de salarisadministratie. Tot die tijd las je in de
"Spindop", wanneer de salarisbetaling plaatsvond. Zie
bijgaande tekening uit een oude "Spindop". Er kwam toen
een meneer uit Arnhem met een grote tas en bij hem kon
je je salaris halen. Even natellen en aftekenen voor
akkoord.
Voor de weekloners werd het een grote verandering. Een
deel van de maand zonder geld zitten kon natuurlijk
niet. Tijdens die overgang kreeg het weekloonpersoneel
een weekloon extra. Een soort voorschot van de
winstuitkering.
Voor veel huisgezinnen was dit hard nodig. Veel
huisvrouwen waren jarenlang gewend aan een wekelijks
zakje met geld. In die tijd ging het meeste geld naar de
eerste levensbehoeften.

Voor luxe dingen was
bijna geen ruimte. Er waren zelfs gezinnen die stonden
te wachten tot Pa thuiskwam met geld om snel nog even
boodschappen te doen voor het eten. In de jaren voor de
Tweede Wereldoorlog stonden moeders al te wachten aan
het begin van de Parkweg (zie foto begin Parkweg uit
ongeveer 1935).
Het had dan ook wel eens te maken met geld verdrinken in
het café door manlief. Echtelijke twistjes kwamen toen
wel voor op straat.
Hoe ging de wekelijkse uitbetaling? De tijdschrijvers
haalden donderdags de salariszakjes van het
salariskantoor. Ieder voor hun eigen afdeling. Hij
verdeelde de zakjes over de ploegendiensten en
dagdienst. Werkte je in de ploeg, dan kwam de meester
(wachtchef) langs met een houten kistje, waar de
loonzakjes in stonden. Hij kwam bij je tussen de
machines natellen, aftekenen en meenemen. De meester nam
toen gelijk de gelegenheid om, wanneer je het verdiende,
je ernstig toe te spreken, bijvoorbeeld bij slechtere
arbeidsprestatie.
Velen werkten toen in akkoordloon. De weeklonen waren
niet altijd gelijk. Het soort dienst dat je de week
daarvoor gedraaid had, was bepalend. Nachtdienst werd
iets beter betaald dan ochtenddienst. Ook bij te laat
komen moest je geld inleveren. Twee minuten te laat
betekende 10 minuten inhouding. Te laat komen gebeurde
veel in de eerste dienst van de nachtdienst.
Die begon op 00.00 uur van de zondag- op maandagnacht.
Televisie was er nog niet voor de weeklooninkomens en de
zondagavond werd dan een lange avond.....
Het kwam wel eens voor dat vader nog even bij moeder op
bed ging liggen en ja, u begrijpt wel dat de tijd dan
snel gaat.
Standverschillen
De standverschillen tot 1967 tussen de week- en
maandloners waren zeer groot. In het algemeen was het zo
dat als je in de fabriek werkte, dat je op weekloon zat
en als je op kantoor werkte, had je een maandsalaris.
De laatste groep werd meneer of mevrouw genoemd. Werkte
je in de fabriek, dan was je naam of fabrieksnummer het
aanspreekpunt. In de fabriek werkte je per week 48 uur,
op kantoor 41˝ uur. De fabriek begon om 07.30 uur, het
kantoor om 08.45 uur.
De fabriek telde een half uur pauze, het kantoor ging 1˝
uur pauzeren. In de fabriek werd de tijd van begin en
einde geklokt, voor de maandsalarisgroep niet.
Ook de verschillen in salarissen waren aanzienlijk.
Wanneer je het geluk had om promotie te maken naar
maandsalaris, dan ging je in loon en status goed
vooruit. Je mocht dan je fiets stallen binnen de poort
en zijn er nog een paar verschillen.
De integratie in 1967 maakte, dat al deze verschillen
geleidelijk aan werden opgeheven. De verhoudingen werden
daarna stukken beter en verkrampte situaties, die zich
soms voordeden, kwamen minder voor.
|