|
 |
Het alde goet
Hoekelum.
Een paar kilometer ten zuiden van ons bedrijf en ten oosten van de weg
Ede-Bennekom ligt het oude kasteel Hoekelum. Van oudsher zijn het onze
zuiderburen en wanneer er geen hek was, zou je lopend vanuit het bedrijf
lopend door de bossen bij het kasteel uitkomen. Een paar jaar geleden
schreven we in de Nieuwsboom over Kernheim en de banden die er bestaan
hebben met dit huis ten noorden van Ede. Deze historische banden zijn er
niet met het kasteel Hoekelum en haar bewoners.
Wel dat schraaljammer, de plaats waar ons bedrijf gebouwd is, ooit eigendom
is geweest van de kasteelbewoners en dat een bestaand beekje minder
bronwater geeft, omdat het bedrijf teveel water zou oppompen. Dat vinden we
terug in de annalen van het kasteel. Duidelijk is het wel dat het kasteel
heel wat jaren ouder is dan ons bedrijf. In het jaar 1400 was er al sprake
van het landgoed Hoekelum en de bewoners.
We werden onlangs attent gemaakt op dit prachtige kasteel en de mooie bossen
daarachter en we besloten er heen te gaan. Het was al herfst en de oude
knoestige beuken toonden in de najaarszon de prachtige herfstkleuren.

Hoekelum omstreeks 1920
We werden welkom geheten door mevrouw Van Ee. Samen met haar man zijn ze
huurders van het kasteel. We waren onder de indruk van de deftige antieke
deurpartij met de prachtige entree in de hal. Deze hal met houten
lambrizeringen en een statige houten trap met mooie schilderijen en meubels,
gaf ook werkelijk het gevoel in een oud kasteel te zijn. Veel kastelen zijn
musea, maar deze is bewoond en dat merkte je al snel aan de geluiden, de
sfeer, de bloemen, etc.
Na de kennismaking stelden we de vraag of we een verhaal mochten schrijven
over het kasteel voor ons decembernummer. Lachend, zei mevrouw Van Ee, dat
we niet de eersten waren met dat verzoek. U schrijft maar hoor en gelukkig
mochten we neuzen in allerlei historische gegevens over het kasteel. Dat was
erg veel en we stelden al snel vast dat we een jaargang Nieuwsbomen konden
vullen met verhalen uit het verleden over het kasteel en haar bewoners. Dat
is natuurlijk niet onze bedoeling en we schrijven daarom enkele feiten die
beslist de moeite waard zijn om te lezen.
De naam Hoekelum:
Volgens de geschriften was er in 1396 al sprake van het landgoed. Het is
nooit duidelijk boven water gekomen waar precies de naam Hoekelum vandaan
komt. Of de eerste bewoners deze naam al hadden en dat het landgoed naar hun
genoemd werd of andersom, weet de geschiedschrijving niet. Een zekere Dr.
D.P. Blok, indertijd directeur van het instituut voor naamkunde, schreef het
toe aan de omgeving. Hoekelum betekent zoveel als heuvelhuis. De heuvel zou
dan slaan op een berg achter het kasteel die later is afgegraven. Of naar de
heuvelrug tussen Wageningen en Lunteren. Het landgoed staat namelijk aan de
voet van deze heuvelrug. In 1396 was het een soort jachtkasteel. Er werd
zelfs verondersteld dat al voor het jaar 1000 er een eenvoudig houten
jachthuis gestaan heeft. Maar we kunnen er vanuitgaan dat in 1996 het 600
jaar geleden is dat men formeel sprak over het landgoed Hoekelum en ook de
bewoners heten dan zo. Overigens werd de naam Hoekelum in het verre verleden
wel op 51 verschillende manieren geschreven, zoals Huecklem, Heukelhem, etc.
In 1396 werd de uitdrukking het "alde goet" gebruikt om aan te geven dat de
plaats al zeer oud was. Het huidige kasteel is geen 600 jaar oud. Het
landgoed is een paar maal afgebroken, weer herbouwd, verbouwd, etc. Zoals
het er nu bijstaat dateert het uit 1850. Ook daarna is het kasteel
gerestaureerd; in 1911 met een belangrijke interne verbouwing en
gemoderniseerd. In grote lijnen uiterlijk gelijk gebleven, maar het torentje
bijvoorbeeld is nu groter dan voorheen.
De jacht:
Het moet wel als vaststaand aangenomen worden dat Hoekelum zijn bestaan en
ontstaan aan de jacht heeft te danken. Niet voor niets zitten er nu nog
hertenkoppen in de gevel van het kasteel. Het landgoed lag voor de jacht
gunstig op de grens van de Gelderse Vallei en de hoge gronden van de Veluwe,
die destijds bedekt waren met uitgestrekte bossen vol wild. Bossen, die tot
diep in Duitsland uitliepen. Het Rijkswald in Duitsland liep bijvoorbeeld
tot voor de wallen van Nijmegen en het landgoed was goed bereikbaar, zeggen
de geschriften. Het lag aan de heerweg, een oeroude weg die liep vanuit de
Betuwe via Wageningen - Lexkesveer noordwaarts richting Lunteren - Barneveld.
De bewoners:
De naam van de heren Van Hoekelum bleef tot omstreeks 1520. Een erfdochter
huwde in dat jaar met ene Van Tuil. Het echtpaar verkocht het bezit aan ene
Van Poelwijck. Daarna verwisselde het kasteel enige malen vrij snel
achterelkaar van eigenaar. Tot in 1695 de heer Hessel van Lawick eigenaar
wordt en nadien is het niet meer verkocht, maar steeds door vererving
overgaan. Zo zijn achtereenvolgens eigenaar geweest de families: Van Lawick,
Van Balveren en Van Wassenaar. Deze laatste familie was eigenaar vanaf 1819.
Otto, Baron Van Wassenaar Van Catwijk, geboren in 1795 en overleden in 1858,
heeft ontzaglijk veel voor Hoekelum gedaan. Hij liet het landgoed ontginnen
en een groot deel ervan opnieuw bebossen. In één van de bossen staat nog een
monument dat in 1859 door zijn zoons is opgericht. Dit monument (zie foto)
staat ten zuiden van het kasteel dicht tegen de snelweg gebouwd. In die tijd
was Hoekelum één der mooiste landgoederen van de Zuid Veluwe, nog niet
doorsneden door een grote verkeersweg en een spoorlijn.
Een kleinzoon van Otto wordt de laatste eigenaar/bewoner van het kasteel.
Veel ergernis en verdriet heeft hij gehad over de plannen van de autosnelweg
Utrecht-Arnhem, die dwars door zijn prachtige landgoed zou komen te liggen.
Zijn verzet heeft niet mogen baten en omdat de grond anders toch onteigend
zou worden, verkocht hij een deel van zijn grond aan het rijk. Eén concessie
kreeg hij gedaan: er werd een tunneltje in de omgeving van het monument
onder de snelweg door gelegd. Hierdoor waren beide delen van het landgoed
met elkaar verbonden. Het zou echter tot 1954 duren eer de weg, in de
volksmond het hazepad genoemd, gereed kwam.
Ook de oorlogsjaren hebben rampspoed gebracht in de familie Van Wassenaar.
Het kasteel werd in beslag genomen door de bezetter en totaal uitgewoond.
Hij heeft nog een tijdje in de naastgelegen woning "Noordereng" gewoond. De
baron trok later naar Driebergen, waar hij in 1946 is overleden.
Hoekelum werd nagelaten aan zijn jongste dochter, Freule Van Wassenaar. Zij
is later getrouwd met ene Van Idding. In 1946 droeg zij de sleutel van
Hoekelum over aan de Stichting Luthers Buitencentrum, een conferentieoord
van de Lutherse Kerk. Het koetshuis werd verbouwd voor conferentieruimte,
het kasteel bleef in zijn oorspronkelijke staat. Ongeveer in 1990 heeft de
freule het kasteel met landgoed verkocht aan de Stichting Gelders Landschap.
De huurders van het Luthers Centrum bleven echter hier wonen en steeds meer
werd het een conferentieoord voor iedereen.
De heer H.J. van Ee is directeur en bewoner van het kasteel. Hij vertelde
dat Hoekelum de laatste jaren veel bezoekers heeft gehad. Er zijn 21
hotelkamers en vanaf volgend jaar ook een bruidssuite. Het is niet vrij
toegankelijk, maar indien u wat te vieren hebt, bijvoorbeeld een bruiloft,
kunt u een afspraak maken met de heer Van Ee.
De bossen rond het kasteel zijn wel te bezoeken en zijn de moeite waard.
Naast het prachtige kasteel is daar nog een pas gerestaureerde ijskelder in
het bos, het monument en dan vooral de prachtige bospaden.
Misschien een leuk idee daar zo rond de kerst- en nieuwjaarsdagen te gaan
wandelen en te genieten van de omgeving .......... dat alde goet.