 |
Welkom bij de
historie van Enka-Ede
Een interview met een
ex-werkneemster.
Op maandag 16 september jl. hadden we een zeer interessant gesprek met
mevrouw J.F.A. v.d.Berg-v.d.Voorde uit Ede, die als 16-jarig meisje in ons
bedrijf (in de beginjaren) gewerkt heeft. Zij is nu 88 jaar oud. Heel
toevallig zijn we dit te weten gekomen via de heer Hamstra, zij is zijn
buurvrouw.

mevrouw J.F.A. v.d.Berg-v.d.Voorde
Zo is dat terecht gekomen bij de redactie
en een telefoontje naar haar was snel gepleegd. Zij stelde zich erg
bescheiden op,...... want ik weet niet zo veel meer van vroeger en dat zal
echt geen nieuws zijn. Toch konden we haar overhalen tot een gesprek en we
beloofden wat oude foto's mee te nemen.
Zo is dus die maandagmorgen van 16 september aangebroken. Het was
koffietijd.
Toen de foto's van vroeger op tafel kwamen, waarin allerlei namen van
personen voorkwamen, veerde ze helemaal op en steeds riep ze: ja, zo was het
en die en die heb ik gekend en daarbij kwamen natuurlijk de verhalen los.
U vertelde dat u maar net van school kwam (Mulo) als 16-jarig meisje, hoe
kwam u er toe om op de fabriek te gaan werken?
Nou, we woonden in het Oranjepark, ten zuiden van de Parkweg. Mijn vader was
aannemer en toen de fabriek gebouwd werd, en ook later, heeft mijn vader
daar veel werk verricht als zelfstandige. Dat gebeurde in opdracht van
Jonkheer v.d.Bos. Mijn vader had veel contact met hem en tegen de tijd dat
ik van school kwam, vroeg mijn vader aan hem of hij niet een baantje voor
mij had op kantoor. Ik weet nog goed hoe dat ging, aan de hand van mijn
moeder stapten we naar de fabriek. Er was een vacature voor telefoniste.
Hoe ging de sollicitatieprocedure?
Het kantoor was op een heel andere plaats dan nu, ongeveer waar momenteel
het magazijn staat. Dat was toen de buitenmuur van het bedrijf. Het gesprek
met een personeelsman kan ik me niet zo goed meer herinneren, maar ik denk
dat mama en ik erg bescheiden waren. Er was wel al een arts die je keurde.
Dat was dokter Heimans. De keuring zelf stelde niet veel voor, maar wel was
ik erg onder de indruk van dokter Heimans, die zelf ook nog erg jong was.
Vervolgens moest ik naar het hoofdkantoor in Arnhem.
Wat ik mij wel goed herinner is de stoomtrein naar Arnhem. Toen ging ik
alleen en moest naar de Velperweg naar een zekere Jonkheer v.d.Brandele. O,
wat was ik nerveus, ik moest voor zijn bureau staan en hij vroeg enkele
gegevens over mijn opleiding. Daarna kon ik gaan. Ik was aangenomen, dat was
in 1924.
Wat voor werk moest u doen?
De telefooncentrale bedienen. Die bestond uit ongeveer 40 interne en 3
buitenlijnen. Ik zat voor een bord met pluggaten en snoeren met pluggen
eraan. Wanneer de bel/lampje aanging moest ik de verbinding maken via de
pluggen. Soms druk, dan weer een lange tijd niets. Ik moest ook poetsen,
zodat de koperen pluggen glommen als een spiegel, want dan was de
aansluiting perfect. Vuile pluggen gaven storingen.

De latere telefoniste rond 1952, Coby Both
Onderwijl kwam een buurvrouw binnen gewandeld (koffievisite). O, zei ze
tegen mevrouw v.d.Berg, je moet dat verhaal vertellen van dat boek!
Ja, dat boek, ze moet nog even lachen. Ik mocht wat lezen om door de tijd
heen te komen. Ik had een keer een boek uit en dat lag op een tafeltje. Toen
kwam de heer Van Mierlo binnen, mijn chef, en keek dat boek in. Nu was hij
streng katholiek en terwijl hij het boek doorbladerde zei hij: "meisje, dat
is nog veel te wijs voor jou, ik geef dat boek aan de pastoor en daar moet
je het maar ophalen." Ik was verontwaardigd, maar toch nederig. Dat boek
stelde ook in die tijd niet veel voor (het ging over zaken voor de vrouw).
Maar ik moest het wel ophalen.... Gelukkig was de oude pastoor er niet, wel
een andere jongere pastoor. Hij gaf mij het boek lachend terug.
De dames moesten nog hartelijk lachen.
Na een paar jaar mocht ik naar de inkoopafdeling. Daar werkten 10 à 12
personen (mannen en vrouwen) en het was voor mij gelijk veel gezelliger.
Wat verdiende u toen?
NLG 35,-- per maand en dat gaf ik aan mijn moeder. Dat was in die tijd de
gewoonte. Een leuk salaris, het was bekend dat de salarissen van de fabriek
goed waren.
Gezien uw leeftijd, geboren in 1908, moet u de bouw van de fabriek
meegemaakt hebben (tussen 1919 en 1922).
O ja, ik weet nog goed dat we veel wandelden en speelden op de schraaljammer,
waar nu de fabriek staat. (Schraaljammer was de naam van de grond, waar
zelfs de schapen niets te eten hadden). Toen de bouw begon was ik ongeveer
11 jaar, Wat ik mij herinner was de enorme drukte die toen ontstond. Veel
paard- en wagenverkeer en niet te vergeten, ook de woningbouw "Vooruit" werd
in die tijd gelijk gerealiseerd. Ede-Zuid veranderde volledig. De fabriek
was imposant en mensen uit die tijd spraken hun bewondering uit. Ook het
grote aantal nieuwe bewoners gaf een behoorlijke drukte.
In die tijd woonden in de Parkstraat veel onderofficieren van de kazernes,
met zo hier en daar een winkel. Ook dat veranderde. Er kwamen winkels bij.
In het Oranjepark werd ook gebouwd. Daar woonden de chefs van de fabriek.
Het toenmalige Oranjehotel was een logeeradres voor werknemers uit het
westen van het land. Later werd dat hotel gebruikt voor woonadres voor de
meisjes uit Limburg en Noord Brabant, die op de fabriek werkten. Zij woonden
daar onder leiding van de nonnen.
Hebt u Dr.Hartogs wel eens ontmoet?
U bedoelt de directeur. Ja, hij kwam regelmatig. Ik herinner me dat zijn
komst altijd aangemeld was. Alles werd opgepoetst en de chefs waren wat
nerveus. Hij werd met alle egards ontvangen. Zijn kantoor stond in Arnhem.
Het was een strenge man, maar had een goed oog voor wat nodig was voor de
mensen. We hadden een keer groot feest in de oude Reehorst, toen nog een
grote villa. Ik dacht dat de Enka toen 12½ jaar bestond. Er was toen onder
andere een sneltekenaar bezig om mensen te portretteren. Ineens kwam
Dr.Hartogs binnen, zag het allemaal aan en zei: "zo mooi tekenen kan ik
niet, maar wat ik teken, dat kan hij niet" en tekende een cheque van 100.000
gulden voor een nieuwe Reehorst met als doel recreatiemogelijkheden voor de
werknemers.
Wanneer hij in Ede kwam, logeerde hij in hotel-restaurant Welgelegen. Dat
lag direct over het spoor links richting dorp. Het was in het bezit van mijn
schoonouders. Zij liet ons een foto zien uit 1915. Mijn schoonvader en mijn
man hebben de directieleden van de fabriek dikwijls ontvangen. Belangrijke
besprekingen in de beginperiode vonden daar plaats en meestal was Dr.Hartogs
daarbij aanwezig.
Hebt u nog lang op de fabriek gewerkt?
Ongeveer 5 jaar. Net in de tijd dat er heel veel meisjes werkten, die met de
trein en bus naar het bedrijf kwamen, kreeg ik werk in Amsterdam. Na een
paar jaar ben ik getrouwd en teruggekeerd naar Ede. Ik heb de Enka fabriek
groot zien worden. Er werd steeds bijgebouwd, de ingang werd verplaatst naar
de noordzijde, de grote fabriekspoort. Geleidelijk aan werd mijn interesse
naar de fabriek minder, maar toch als ik iets van de fabriek lees, is mijn
aandacht wel gewekt.
Zo hebben we een lang gesprek gehad over haar belevenissen, te veel om op te
schrijven. We hebben haar hartelijk bedankt voor de medewerking.
|