![]() |
Welkom bij de historie van Enka-Ede
Bejaardentehuis in Groesbeek
Enige tijd geleden kregen we een
spectaculair telefoontje van een zekere mevrouw J. Vrijmoet van het
Groesbeeks bejaardentehuis "De Meent". "Meneer, weet u dat er in ons
huis 10 bejaarde dames wonen, die ooit vroeger in de jaren 1925-1935 bij
u hebben gewerkt?"
GROESBEEK - De jaren twintig en
dertig herleven dit weekeinde in het Groesbeekse bejaardentehuis De
Meent. Dat heeft vandaag en morgen een tentoonstelling in huis over
wonen en werken in de periode tussen de twee Wereldoorlogen. Het wordt
geen "ver van mijn bed show". Het beeld van de jaren twintig en dertig
dat gegeven wordt, is gebaseerd op de herinneringen en ervaringen van de
bewoners van De Meent.
"Ik merkte dat de geschiedenis ontzettend
leeft in Groesbeek. Bij het napraten kwam er een schat aan gegevens en
verhalen boven water. Ik dacht: daar moet iets mee te doen zijn. Een
aantal bewoners heeft toen zijn levensverhaal op papier gezet."
Van mevrouw Vrijmoet kregen wij nog
enkele bloemlezingen uit die tijd:
"Voor je opgeroepen werd om te komen
werken, werd je eerst gekeurd door een dokter in Nijmegen.
Verder waren er 3 ploegen: een vroege ploeg,
een late ploeg en een dagploeg. Voor de dagploeg moest je 's morgens om 5.00
uur klaarstaan in Groesbeek. De bus van Toonen kwam je halen en bracht je
naar het station. In de bus schreef een meisje de namen op van iedereen die
meereed. Bij de trein ging je door de controle en ca. 2 uur later kwam je in
Ede aan (het Waalbrug autoverkeer bestond toen nog niet).
± 1925 tijdens de pauze een luchtje scheppen. Ik werkte in de twijnerij. Je moest vlug en handig zijn. Als de deksel op de spoel moest worden gelicht, moest je snel met je hand erop, anders vloog de deksel of nog erger, de spoel eraf. Als je iets kapot maakte, moest je boete betalen. De verdiensten waren goed. Als je hard werkte NLG 18,-- in de week. Je moest altijd centen meenemen, want moest je naar het toilet dan kostte dat 1 cent. Als je als meisje in verwachting raakte, mocht je tot 7 maanden blijven werken. Als er geen man was, waarmee het meisje zou trouwen, mocht ze, als de baby 2 maanden oud was, weer terugkomen. Ze kreeg ook ziekengeld in de periode dat ze niet werkte. Dat was erg sociaal. De Enka was toen de enige fabriek die zoiets deed. Schaftlokaal jaren dertig.
Tijdens een heel strenge winter (red.: 1929)
kon je je opgeven voor een voedselpakket. Bovendien kregen we grijze dekens
voor de coupé, vanwege de kou. Er werd veel gezongen en eenmaal in de week
kwam er een juffrouw de nagels manicuren.
In de blekerij was het slecht werken. Een
dubbeltje in je zak werd zwart.
Het drogen van de garenstrengen. Er werd goed verdiend. Vader werkte op de steenfabriek van 's morgens 6 tot 's avonds 6. Met hard werken bracht hij NLG 15,-- thuis. Wij, als meiden, brachten meer in huis. Soms twee, drie meisjes uit een gezin."
Het ontlokte ons de vraag: "Dan had u zeker
een mooie bruidsschat?"
"Neen, geen cent. Alles ging naar vader en
moeder "de pot in". Veel broertjes en zusjes, meneer." Wij willen het hierbij laten. Als je ouder wordt leef je op de herinneringen. Wij hebben dat voor de dames even wat makkelijker gemaakt door de foto's en dergelijke. Unaniem hadden de dames goede herinneringen aan Enka Ede. Niemand van de dames herkende zich op de foto's.
"Meneer, eigenlijk weet ik niet hoe ik er vroeger uit zag, want toen is er nooit een foto van mij gemaakt...".
|