|
De Nyma.
Initiatief
In 1928 nam Michel
Bury (Maastricht 1879 - Nijmegen 1948) het initiatief tot de
oprichting van de Kunstzijdefabriek Nyma. Uit de nagelaten
correspondentie blijkt dat hij ingenieurs heeft aangezocht in
Zwitserland, samen met de Twentsche Bank naar financiers heeft
gezocht, en zijn privévermogen
in de opbouw heeft gestoken.
Zijn
vrouw Hanni, die in Bremen in de boekhouding van een handelshuis
had gewerkt, nam deel aan de zakelijke en administratieve
voorbereiding en het maken van begrotingen, liet koken voor de
aangetrokken buitenlandse werknemers (het koken zelf deed Käthe,
de Duitse kokkin die uit Amsterdam mee naar Nijmegen was
verhuisd en die de rest van haar leven bij de familie in dienst
zou blijven) en hielp bij het zoeken naar woningen.
Michel Bury
Achtergrond
Michel
had zijn sporen verdiend als bestuurder en zakelijk strateeg
lang voordat hij in 1915 in de margarine ging. In het
Jurgens-concern moet hij zich op zijn plaats hebben gevoeld want
hij heeft er tien jaar in de directie gezeten, maar hij
koesterde een droom van een eigen onderneming waarin zijn vijf
zoons hem konden opvolgen, liefst een industrie want daar lag
zijn ervaring. De fusie tussen Van den Bergh en Jurgens in 1927
leek een logisch moment voor Michel, dan 48 jaar oud, om nu of
nooit voor zichzelf te beginnen. In deze tijd is hij door
directeur J.C. Hartogs van de Enka gepolst voor een post als
onderdirecteur van de Enka. De reden voor Hartogs' verzoek was
de sterke recente uitbreiding van de Enka elders in Europa en in
de VS, en de geplande overname van een aantal Duitse
concurrenten. Michel heeft korte tijd voor Enka gewerkt. Het zou
onderdeel van een voorbedachte strategie kunnen zijn om bij de
Enka in de keuken te kijken voordat hij een concurrerend bedrijf
oprichtte, maar Hanni schrijft aan haar zus Toni dat Michel, als
vader van 6 kinderen - in een tijd zonder vangnetten en
verzekeringen - terugschrok voor de risico's van een eigen
bedrijf. Langer dan twee maanden hield hij het echter niet vol.
Zijn hele werkzame leven was hij gewend geweest anderen te
zeggen hoe het moest maar hier was Hartogs natuurlijk de baas,
bovendien was de werktijd lang en de reis oncomfortabel. Een
volgend aanbod van de Enka-directie, in juni 1927, sloeg hij af
omdat hij had besloten een eigen bedrijf op te richten.
Aanleiding.
Tijdens zijn nauwe betrekkingen met de Enka heeft Michel
ongetwijfeld ingezien hoe afhankelijk de uitbereidingen die de
Enka recent had gedaan en nog wilde doen, de Twentse
weverijen zouden
maken, en dat daaruit een strategische kans ontstond om een
concurrerende spinnerij op te richten. De rijke
Twentse weverijen zouden hem uit welbegrepen eigenbelang kunnen
helpen het benodigde startkapitaal bij elkaar te brengen, dat
veel groter was dan wat hij uit eigen middelen kon inbrengen, en
vervolgens zouden zij de nieuwe spinnerij ook nog een
gegarandeerde afzet kunnen bieden.
Vooruitlopend op de koninklijke goedkering van de firma opende
hij onder eigen naam een kantoor in de Lange Burchtstraat waar
de bouw van de fabriek werd voorbereid. De Nyma werd officieel
opgericht op 21 mei 1928 met minstens twee Twentse wevers als
belangrijke medefinanciers, namelijk Van Heek en Blijdestein. Of
de deelnemingen op naam van personen of van de gelijknamige
textielbedrijven waren gesteld, valt uit het familie-archief
niet op te maken.
Startkapitaal en
zeggenschap.
De Twentsche Bank,
in de persoon van toenmalig directeur Van Leeuwen,

heeft een
belangrijke rol gespeeld bij het grondvesten van een syndicaat
en het bij elkaar brengen van het benodigde startkapitaal.
Mogelijk kende Bury Van Leeuwen uit Amsterdam, van zijn eerdere
werk bij Jurgens of van toen hij nog zelfstandig crisismanager
was, in welke rol hij doordrongen zal zijn geweest van het
belang van een trouwe en betrouwbare bankier. Daarbij was hij
zijn eigen loopbaan destijds begonnen bij een bank in
Maastricht. Naast van Leeuwen kregen J.H. van Heek en J.H.
Blijdestein, Mr. W.M. van Lanschot en J.M. Telders een zetel in
de eerste Raad van Commissarissen. Michel was enig directeur.
De fabriek is snel tot stand gekomen. Tussen het besluit tot
oprichting en het inspinnen van de eerste machine ligt nog geen
twee jaar.
Van Leeuwen
Beursgang.
Na een succesvolle
start in de crisisjaren werd vijf jaar na de operationele start,
op 6 mei 1934, notering aan de Amsterdamse effectenbeurs
aangevraagd. De beursgang van de NV Kunstzijdespinnerij Nyma
werd begeleid door een bankconsortium waaronder zich de
Twentsche Bank, Lippman Rosenthal en Oyens bevonden. Uit stukken
van de onderneming in het archief van de Effectenbeurs blijkt
dat er vier grote deelnemers waren: een voor fl. 460.000; een
voor fl. 250.000; een voor fl. 200.000 en een voor fl. 100.000.
De rest van het kapitaal van ruim drie miljoen gulden werd
geplaatst bij 151 verschillende personen en bedrijven, waaronder
Stork (machinebouw) en Jurgens (margarine), Michels voormalige
werkgever.

De watertoren van de Nyma aan de Waal, met zijn mooie contrast
van ronde en hoekige vormen.
Hopelijk wordt het nu vervallen bouwsel (zie foto rechts) behoed
voor de slopershamer.
Kocht Enka grond
rondom de Nyma?
Tegen de
strategische achtergrond is het logisch dat er geen
kapitaaldeelname is aangeboden aan de Enka - het ging er juist
om een concurrent van Enka in het leven te roepen. Dr. Ing.
Ronald Stenvert
van het Bureau voor
Bouwhistorie en Architectuurgeschiedenis vermeldt in zijn lezing
over de bouwhistorie van de Nyma (op 7 november 2006 in
Museum de Stratemakerstoren
in Nijmegen) dat Hartogs, als reactie op het feit dat hij werd
buitengesloten, rondom de Nyma aan de Waalbanddijk een ring
grond heeft aangekocht. Hiermee was de Nyma ingesloten door haar
grootste concurrent en zou zij
alsnog op de Enka zijn aangewezen als ze
moest uitbreiden. Volgens Stenvert staat om die reden de
watertoren midden op het Nyma-terrein en niet, zoals
gebruikelijk is, aan de rand. Tot nu toe is er geen bron die het
verhaal uit de anekdotische sfeer kan tillen. Effectief is de
strategie niet geweest. De Nyma had grond op de groei gekocht.
Ten tijde van de beursnotering in 1934 (toen de watertoren er al
stond) besloegen de fabrieks- en katoorgebouwen nog geen 2
hectare van het 7 hectare grote terrein. Ook bij latere
uitbreiding heeft de Nyma nooit extra grond nodig gehad. Zo'n
aankoop buiten de spinnerij om te doen, die bij de bouw van het
grootste fabriekscomplex van Nijmegen zeker de medewerking van
het Nijmeegs stadsbestuur zal hebben gevraagd en gekregen, zou
alleen op ietwat slinkse wijze zijn beslag hebben kunnen
krijgen. Ondenkbaar is het niet, maar het botst enigszins met
het beeld van Hartogs als sociaalvoelenend ondernemer en
beminnelijk mens. Zover ik weet zijn de betrekkingen tussen Enka
en Nyma steeds vriendschappelijk geweest. De Enka-directie (Hartogs
was al overleden in 1932) bewees Michel Bury ook de laatste eer
op diens begrafenis in 1948.
Klik
hier voor een filmpje over de Nymav uit ±1950
De naam Nyma.
Uit de oprichtingsacte blijkt dat de
Nyma een of meerdere nevenvestiging heeft willen oprichten. De
Ny staat voor Nijmegen; de ‘ma’ naar alle waarschijnlijkheid
voor Maastricht, waar Michel vandaan kwam. De naam wordt
uitgesproken als 'niema'. Waarschijnlijk heeft Bury de ‘ij’
vervangen door een ‘y’ omdat hij een internationaal bedrijf
vestigde en de ij in het Engels niet voorkomt. Ook is geopperd
dat het Maastrichts zou kunnen zijn - in het Maastrichts wordt
de ‘ij' vaak uitgesproken als ‘ie’.
7 november 2006
pailine van de ven (
http://www.demanmetdehoed.nl )
|